• nl
  • en
Menu
Toch geen overgang van onderneming bij een ‘pre-pack’?

Toch geen overgang van onderneming bij een ‘pre-pack’?

4 december 2017

De kantonrechter van de rechtbank Noord-Holland heeft op 12 oktober 2017 een verrassende uitspraak gedaan. De kantonrechter volgde namelijk niet de lijn van een recent oordeel van het Europese Hof van Justitie op 22 juni 2017 (de Smallsteps-zaak). In die zaak oordeelde het Hof dat de arbeidsrechtelijke regels van overgang van onderneming (alle werknemers komen automatisch bij de overnemende partij in dienst) van toepassing zijn op de doorstart die vanuit een faillissement wordt voorbereid (een ‘pre-pack’).

Een pre-pack is activatransactie die al voor het faillissement wordt voorbereid. Direct na het uitspreken van het faillissement brengt de nieuw benoemde curator die transactie ten uitvoer. De gedachte achter een pre-pack is dat de onderneming zo min mogelijk waarde verliest. In geval van een doorstart na een faillissement gelden de regels van overgang van onderneming in beginsel niet. In de Smallsteps-zaak oordeelde het Hof echter dat een pre-pack geen normale doorstart is. Als de doorstart voor het faillissement werd voorbereid, is geen sprake van een faillissement dat is gericht op liquidatie. De regels van overgang van onderneming zijn dan dus gewoon van toepassing op de doorstart. Dat betekent dat het personeel alsnog automatisch in dienst treedt bij de doorstartende partij.

De kantonrechter van de rechtbank Noord-Holland moest oordelen over een pre-pack-situatie. Het betrof een producent van en handelaar in uitvaartkisten die failliet ging. De doorstart was al voor het faillissement voorbereid. De doorstartende partij nam vervolgens niet alle werknemers van de failliete onderneming over.  De niet overgenomen werknemers wezen op de Smallsteps-zaak en vonden dat zij automatisch in dienst waren getreden bij de doorstarter. De kantonrechter oordeelde echter anders. Hij vond dat er geen sprake was van een pre-pack:  de overgang was niet al vóór het faillissement tot in het kleinste detail  voorbereid, de overgang vond pas drie weken na het faillissement plaats en de transactie vond plaats onder het toezicht van de rechter-commissaris die het faillissement behandelde.

Hoewel deze uitspraak kritisch is ontvangen, laat deze uitspraak wel zien dat de Nederlandse pre-pack – ook na de Smellsteps-zaak – nog niet direct aan betekenis lijkt te hebben verloren. Meer duidelijkheid zal volgen bij als meer uitspraken verschijnen. Pas dan kunnen we vaststellen of deze uitspraak een ‘incident’ is of een begin van een trend en herleving van de pre-pack.

Bron: Rb. Noord-Holland 12 oktober 2017, ECLI:NL:RBNHO:2017:8423

Deze bijdrage is geschreven door mr. drs. Maarten van Essen, lid van de praktijkgroepen insolventierecht, arbeidsrecht en ondernemingsrecht.

Wilt u op de hoogte blijven?

  • nl
  • en